jouke kleerebezem's moerstaal 1, 2, 3, 4



28 juni 2000
woordkraam

28 juni 2000   inNederlandbedreigdeen/ofreedsverdwenensoorten
    (van de CITES lijst) vormen de basis van een werk dat ik voor de Animal Farm route van het Zonnemaire Buitengewoon festival maak. Dit muziekfestival wordt al zes jaar door Jaap Verseput, een vroegere middelbare schoolvriend van me, georganiseerd 'op en rond het erf' van zijn boerderij. Zaterdavond 8 en zondag de hele dag 9 juli staat er een prachtig programma in Zonnemaire en hoop ik heel bloggend Nederland op een dagje uit te treffen. U herkent mij aan mijn gehackte WNF T-shirt, eh... sportsokken?


spandoek, WNF mascottes, bevestigd met tape waarop de namen van in Nederland bedreigde of verdwenen soorten zijn geprint

Zo'n lijst is natuurlijk net zo kwetsbaar als de dieren die erop staan: als ik alleen al deze lijst voor de vlinderachtigen ernaast leg, blijkt wel dat een complete lijst veel omvangrijker zou moeten zijn. Voor mijn werk voldoet de CITES selectie. Het gaat om het idee. Of zoals ik laatst las: 'such information is for informational purposes only'. Die houden we erin, maar daarover later meer.

woordkraam

Grote Hoefijzerneus, Kleine Hoefijzerneus, Ruige Dwergvleermuis, Gewone Dwergvleermuis, Grijze Wolf, Visotter, Walrus, Bruine Beer, Noordkaper, Dwergvinvis, Gewone Dolfijn, Griend, Gramper, Witflankdolfijn, Witsnuitdolfijn, Gestreepte Dolfijn, Snaveldolfijn, Tuimelaar, Witte Dolfijn, Narwal, Bruinvis, Dwerg Potvis, Potvis, Butskop, Spitssnuitdolfijn, Grays Spitssnuitdolfijn, Eikelmuis, Koereiger, Grote Zilverreiger, Kleine Zilverreiger, Zwarte Ooievaar, Lepelaar, Zwarte Ibis, Nijlgans, Pijlstaart, Slobeend, Wintertaling, Siberische Taling, Smient, Zomertaling, Witoogeend, Roodhalsgans, Witkopeend, Visarend, Havik, Sperwer, Zwarte Gier, Steenarend, Bastaardarend, Schreeuwarend, Steppearend, Steppebuizerd, Ruigpootbuizerd, Arendbuizerd, Slangenarend, Bruine Kiekendief, Blauwe Kiekendief, Steppekiekendief, Grauwe Kiekendief, Grijze Wouw, Vale Gier, Zeearend, Havikarend, Zwarte Wouw, Rode Wouw, Wespendief, Slechtvalk, Giervalk, Boomvalk, Torenvalk, Roodpootvalk, Canadese Kraanvogel, Kraanvogel, Westelijke Kraagtrap, Grote Trap, Kleine Trap, Dunbekwulp, Zomertortel, Halsbandparkiet, Kerkuil, Ruigpootuil, Velduil, Ransuil, Steenuil, Oehoe, Sneeuwuil, Dwergooruil, Bosuil, Sperweruil, Europese Moerasschildpad, Boomkikker, Steur, Apollovlinder, Bloedzuiger


woordkraam

6 juni 2000   geenpublikatieopdeforumpagina
   wat de Volkskrant betreft. De redactie heeft er een keurige standaardformulering voor:

- Geachte <naam>,

Hartelijk dank voor de toezending van uw artikel.

Het spijt mij u te moeten mededelen dat wij geen gebruik zullen maken van uw aanbod het te publiceren. De overige kopij is van een zodanig volume en van een zodanige kwaliteit, dat ik in de nabije toekomst geen mogelijkheden zie uw bijdrage - hoe lezenswaardig ook - te plaatsen. Ik hoop dat wij u bij een volgende gelegenheid wel ter wille kunnen zijn.

Met vriendelijke groet,


Waarop mijn reaktie natuurlijk luidt:

- Geachte <naam>,

het spijt me uw beslissing te vernemen. Dank voor de notificatie. Hoewel de aanleiding tot mijn artikel het bericht over mevrouw Zoonen was, werd het gevoed door een meer algemene kritiek op het niveau van de discussie in de nieuwsmedia, over het Internet en informatiseringsvraagstukken, en het ontbreken hierin van alternatieve zienswijzen. Ik hoop dat de kwaliteit van de overige reakties hierin enigzins tegemoet komt.

Het zou mij in dit verband interesseren in de Volkskrant te publiceren. Welke wegen staan mij open? Kan ik met een concreet voorstel bij uw redactie aankloppen?


Oude media... Het is ff zoeken op de sites van de Volkskrant en de NRC om een gaatje te vinden waardoor je terug kunt toeteren... De Volkskrant heeft de Pomp (...pompen of verzuipen? kroegenpraat? lezersmasturbatie?), en de NRC heeft, eh, Tegenspraak, met een leuke tegendraadse E in het logo, maar weinig direkte repliek:

- In Tegenspraak kunnen lezers per e-mail deelnemen aan actuele discussies. De e-mails verschijnen in principe direct op de website, maar de redactie selecteert en behoudt zich het recht voor bijdragen te redigeren. Eventueel meegestuurde attachments worden niet geplaatst.

...'in principe direkt op de site', we zijn in principe een interactief medium, maar de redaktie kijkt wel ff naar de inhoud van uw oprispingen. Zo schiet het lekker op met de informatisering. Snappen ze bij de krant niet dat de 'mijnheer', die de krant was, de lezer is geworden? 'De krant is de lezer': zoals Radio France Auxerre jinglet: RFA vous écoute! (radio france auxerre luistert naar u).

woordkraam

repliek, tripleks, triplex, tralala, toerbeurt
31 mei 2000
woordkraam

31 mei 2000   "internetbarstvandeporno,
   kinderporno, het geweld en rechts-extremisme, allemaal geen dingen die door vrouwen zijn bedacht"... aldus bijzonder hoogleraar mevrouw Liesbet van Zoonen (1959), die sinds 1 februari 2000 de Opzij-leerstoel aan de Universiteit van Maastricht bekleedt, vrijdag 26 mei 2000, in de Volkskrant, op de voorpagina voorgekopt als 'Een slimme meid is op internet voorbereid'... 'een slimme grrl mijdt de Universiteit van Maastricht' lijkt me een betere aanbeveling...

Van Zoonen heeft aan de UM de opdracht gekregen te kijken in hoeverre computercommunicatie van invloed is op de verhouding tussen de seksen. En andersom: wat de invloed is van bestaande man-vrouw-verhoudingen op de communicatie via internet. Vernieuwend onderzoek, aan Liesbet van Zoonen toevertrouwd omdat zij als universitair hoofddocent communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam haar sporen verdiende op het gebied van multimedia, (massa)communicatie en populaire cultuur.

Zie ook: Dossier Opzij-leerstoel www.emancipatie.nl (waarin een link naar een 340k(!) afbeelding van het Volkskrant verhaal) en natuurlijk de Alma Mater zelf: Centrum voor Gender en Diversiteit aan de Universiteit van Maastricht

Hier volgt een zojuist ingezonden brief aan de Volkskrant Forum redactie.

Het Internet als stofzuiger

Tenzij verslaggeefster Wilma de Rek mevrouw van Zoonen uitspraken in de mond legt, in het in de Volkskrant van 26 mei j.l. op pagina 3 gepubliceerde bericht 'Vrouw riskeert achterstand op internet', getuigen de ideeën van de kersverse bekleedster van de Opzij-leerstoel aan de Universiteit van Maastricht van een opmerkelijk gebrek aan werkelijkheidszin. In de alarmistische toon van haar uitspraken doet ze daarbij niet onder voor de meeste mannelijke deskundigen. Waarom geeft dit nieuwe medium toch elke keer weer aanleiding tot zoveel panische opwinding?

Zowel in positieve (nieuwe economie!, kennismaatschappij!, beursgangen!), als in negatieve zin (kinderporno!, extremisme!, millenniumbug!, hackers!) raken ingewijden en media keer op keer in alle staten. Of zoals Douglas Adams in het News Review katern van de Sunday Times van 29 augustus 1999 schreef: "Nieuwslezers vinden het nog steeds een speciale en vooral bezorgde vermelding waard als, bijvoorbeeld, mensen een misdaad 'via het Internet' hebben beraamd. Ze besteden er geen aandacht aan als misdadigers de telefoon of de A1 gebruiken, of hun lafhartige plannen 'bij een kopje thee' bespreken, hoewel dit destijds allemaal nieuwe en controversiële verschijnselen waren." (Douglas Adams, 'How to Stop Worrying and Learn to Love the Internet')

Liesbet van Zoonen lijkt niet op zoek naar media-specifieke en kwalitatieve verschillen in het Internetgebruik bij vrouwen en mannen, hoewel haar aanstelling in Maastricht volgens het persbericht van de universiteit gebaseerd is op: 'vernieuwend onderzoek, aan (haar) toevertrouwd omdat zij als universitair hoofddocent communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam haar sporen verdiende op het gebied van multimedia, (massa)communicatie en populaire cultuur'. Bij voorkeur signaleert ze wie in Nederland met de afstandsbediening op het toilet zijn mannelijke macht zit te verlengen. Maar cijfers zijn gemakkelijker gegeven dan geëvalueerd. Hoewel het me niet zou verbazen als uit sommige onderzoeken blijkt dat er in Nederland twee maal zoveel mannen als vrouwen 'online zijn', ontbreekt enig inzicht in hoeveel tijd die vrouwen en mannen vervolgens online besteden, en vooral waaraan. Wat ook ontbreekt zijn nadere demografische en generationele specificaties. In wat men onder de 'Internetrevolutie' pleegt te verstaan zijn, sinds de publieke beschikbaarheid van het Internet (met het World Wide Web in 1993), vooral vrouwen zeer kritisch en met relevante vraagstukken actief geweest—juist met de inhoudelijke en emancipatoire kant van de nieuwe media, en inderdaad, 'met het uitwisselen van ervaringen'. Daar leent het medium zich ook bijzonder goed voor, in tegenstelling tot de oude media.

Het gaat er niet zozeer om, online te consumeren, maar te produceren en te communiceren, iets waarmee ik vrouwen over het algemeen gemakkelijker om zie gaan dan mannen. Minder afhankelijk van status en reputatie, minder bang voor de openbaarheid en vooral veel meer genegen tot een andere waardering en afweging van persoonlijke en politieke argumenten, dragen vrouwen misschien zelfs media-specifiekere ideeën bij aan de ontwikkeling van het Internetgebruik, dan mannen. Die constatering mag op zijn minst ter discussie staan en onderzocht worden, vooral als er gewaarschuwd wordt dat 'vrouwen op de elektronische snelweg bij moeten blijven', om vooral 'zichzelf niet buiten te sluiten'. Op die urgente mobilisatie moet blijkbaar ook beleid worden gevoerd: de bruikbaarheid van het Internet kan niet op. Het moet het medium van een nieuwe dominante cultuur en economie worden. Daar komt natuurlijk ook die opwinding vandaan. Zou het zo zijn dat het Internet in de huidige fase vooral gelegenheid biedt aan 'kinderporno, geweld en rechts-extremisme, allemaal geen dingen die door vrouwen zijn bedacht', en het het tòch tot 'eenzelfde status als de auto' weet te brengen, dan lijken me geheel andere waarschuwingen geboden, dan die welke nu klinken.

Als grootste slordigheid in de uitspraken van mevrouw Zoonen treft mij de klakkeloze typering van het Internet als het volgend status symbool. Als ergens de onderschatting van een op handen zijnde informatisering (waar het Internet één van de voorwaarden toe vormt) uit blijkt, is het wel uit haar banalisering van het medium. Om 'beleid te bouwen' op bij voorkeur met 'gestandaardiseerde onderzoeksmethoden' verkregen inzichten in een 'antropologie van internet' moet men vooral iemand aan het woord en werk laten die stereotypen met stereotypen meent te moeten bestrijden. Het trof me echt pijnlijk te lezen dat het er 'niet toe doet wat vrouwen missen als ze zich verre van internet houden', immers, zo redeneert de communicatiewetenschapper, 'er is voor iederéén wat te halen, dus ook voor vrouwen', en even later: 'Internet wordt niet voor niets de elektronische snelweg genoemd; op den duur krijgt het dezelfde status als de auto. Je kunt zonder, maar mét is het leven een stuk gemakkelijker.' Afgezien van het feit dat het 'zonder de auto kunnen' de inzet van geheel andere en serieuze maatschappelijke discussies vormt, raken zulke vergelijkingen kant nog wal.

'Mét is het leven een stuk gemakkelijker': zo werden 70 jaar geleden de (toen nog: huis-) vrouw ook de stofzuiger en de wasmachine aanbevolen. Technologie die het leven vergemakkelijkt wordt echter nooit aangeboden met de aanbeveling wàt vervolgens van dat gemakkelijke leven te maken... Uit cijfers blijkt dat het gemakkelijke leven vooral gebruikt wordt om het weer moeilijk te maken. Meer vrije tijd wordt gebruikt om meer te werken. Dit geldt ook voor nieuwe technologieën. De mobiele telefoon wordt vooral gebruikt om meer te telefoneren—niet minder. En als er één nieuwe technologie geen onderscheid maakt naar sekse, dan is het wel dit 'verlengstuk van de macht' van de telefonerende consument. De verwachtingen van de Internet commercie zijn danook zeker voor Europa hooggespannen, als het om het aanbieden van diensten en informatie via de mobiele telefoon gaat. Binnenkort zullen de cijfers van onze online aanwezigheid weer drastisch bijgesteld moeten worden.

Een Internet dat het leven gemakkelijker maakt betstaat niet: het zijn de deskundigen, de pers, politici, die het leven èn het Internet gemakkelijk maken, door ons voortdurend op hijgerige toon stereotypen voor te houden. Als we met dit nieuwe medium zouden proberen om de kritische ontwikkeling ervan nu eens niet ten koste te laten gaan van andere vormen van emancipatie, dan zou dat een hele winst zijn. Zolang de ingrijpende problematiek van een informatiserende samenleving wordt gepresenteerd aan de hand van het Internet als ultiem huishoudelijk hulpmiddel en statussymbool, is de emancipatie van de burger tot kritische mediagebruiker nog niet in zicht.

woordkraam

gender, gortig, graagte, grasduinen
woordkraam

15 mei 2000   genoeggeweest!watnu?
   luidt de titel van het essay dat ik naar aanleiding van FTF2K voor Items schreef. Het ligt op de redaktie en wordt waarschijnlijk in het eerstvolgende nummer gepubliceerd. Het is in de moerstaal gesteld en dus heeft het de primeur voor enkele passages, boven idie.net (waar het eigenlijk thuis hoort), of NQP.

naar een kritische markt

Een kritische ontwerppraktijk moet vooral zelfkritisch zijn en de eigen competenties evalueren, in plaats van de vijand weer bij een industrie te zoeken, die de arme consument behoeften aanpraat om eindeloos waardeloze artikelen te kunnen dumpen (grosso modo FTF). De consument heeft bij een informatiserende industrie voor goederen, diensten en informatie de nodige invloed op het produktieproces, en moet deze in toenemende mate bedingen. De klant is informatie en informatie is handel. Ook voor de ontwerper betekent dit dat de rollen worden omgedraaid. In plaats van voor een producerende industrie te werken, bevindt hij of zij zich nu tussen onderhandelende consumenten en producenten in, en moet optreden als bemiddelaar in een produktieproces, waarin hij of zij in toenemende mate waarde toevoegt, in plaats van 'onzichtbaar' het communicatieproces optimaliseert.

De 'kritische markt' is een markt die net zo weinig lineair reageert als de informatie waarop hij reageert is samengesteld. Informatiebronnen veranderen voortdurend van kwaliteit en in aantal; belangenrelaties tussen 'vraag' en 'aanbod' keren 180° om; goederen, diensten en informatie strijden om voorrang in de media; de waarde van gesloten kringlopen wordt steeds groter (Sony overweegt als een van zijn milieu/nieuwe markten strategieën de optie tot het toeëigenen van de tweedehands markt van zijn hardware—klantenbinding in 'belangengemeenschappen' is een vorm van beteugeling van de onvoorspelbaarheid van de markten).

Een paar lange citaten:

innovatie nu

De om zijn conceptueel innovatieve en mediagewiekste ideeën gevierde ontwerper vernieuwt mèt zijn eigen praktijk zijn positie in de belangenbehartiging. In de overgang van oude naar nieuwe media zal hij een fundamenteel andere vraag ontmoeten, waarop al zijn of haar kritische talenten aangesproken worden. De vraag komt niet zozeer van de producent, of van de consument, maar betreft de relatie die tussen deze twee moet worden gelegd, èn onderhouden: onder andere over wie de initiatieven tot nieuwe goederen en diensten neemt; waar de produktie ervan plaatsvindt; hoe de kostprijs berekend wordt, aan de hand van welke economische en ecologische footprints; hoe en onder wie de distributie plaatsvindt; en belangrijkst van al: wie wie betaalt in de uiteindelijke transactie. De informatieuitwisseling, op basis waarvan zulke beslissingen worden ondernomen, vraagt om een goed ontwerp. Er is geen sprake van een bestaande interactie die vorm gegeven moet worden. De innovatie ligt in het ontwerp van de interactie zelf, in een kritische analyse van de mogelijkheden en beperkingen van een nieuwe industrie, die zich voor de produktie van goederen en diensten zo afhankelijk maakt van de communicatie tussen de belanghebbenden.

Alle kritische vernieuwing en emancipatie op de consumentenmarkt (van entertainment èn kennis, goederen èn diensten, informatie èn communicatie) zal de komende decennia op het gebied van de produktieve relatiebemiddeling plaatsvinden. Onze beslissende vraag luidt ondertussen: hoe ontwerpen we die duurzame marktrelatie tussen producent en consument, waarin een evenwichtige verhouding tussen vraag en aanbod tot de uitwisseling van hoogkwalitatieve informatie, goederen en diensten leidt? Door onze eigen praktijk en onze kritiek vanaf scratch mee te ontwerpen: als een integraal onderdeel van de hierboven geschetste markt. De ontwerper is een van de partijen in een nieuwe industrie, waarin informatie, produkt en dienst onontwarbaar met elkaar in verband staan, en waarvan de ontwerpen met de hoogste precisie op elkaar afgestemd moeten zijn.

(...)

Het Internet is natuurlijk het model voor het medium dat theoretisch aan alle voorwaarden voor een nieuwe industrie voldoet. Het is echter nog lang niet opgewassen tegen de datadichtheid en -dynamiek die van de symetrische belangenbehartiging een succesvolle basis voor een kritische markt moet maken. Technologisch is het te zwak en te onbetrouwbaar. Vergeleken met de gedrukte pers en de telefoon en televisie is de penetratie van het Internet nog steeds armoedig. Maar de principes op basis waarvan de nieuwe industrie en markt zullen functioneren, zijn reeds zichtbaar en functioneren. Er kan mee geëxperimenteerd worden. Juist het experiment met de dynamiek en de selectieve procedures van een informatienetwerk, met de koppeling naar de fysieke netwerken en naar de oude publicitaire media, met de communicatieve kracht en snelheid van many-to-many nieuwsgaring, met de culturele verfijning van one-to-one expressie en creativiteit, biedt de ontwerper de kritische en instrumentele kennis en ervaring voor een nieuwe praktijk.

Het misverstand dat het Internet en vooral het web vrijwel uitsluitend commercieel is, bestaat alleen bij onervaren gebruikers. De experimenten waar hier over gesproken wordt kunnen op ruime schaal en in elke omvang met niet-commerciële partijen aangegaan worden. Maar ze moeten juist ook met commercieel belang worden uitgevoerd. Als de beide FTFs in één opzicht gelijk hebben, dan is dat in het besef dat commercie, handel, de markt, dè basis van onze informatie-uitwisseling vormt. Precies daarom is de markt niet meer de markt die we kennen, maar wordt ook zelf 'kritisch'.

(...)

Vraag en aanbod zullen in een eindeloos spel gewikkeld zijn, waarin de initiatieven van beide kanten in hoog tempo kunnen worden genomen, vorm kunnen krijgen en worden gedistribueerd. Zo'n markt is kritisch te noemen, omdat elke behoefte, elk belang en elke informatie-uitwisseling tot een kettingreaktie kan leiden, met onverwachte effecten. Richting en schaal van transacties varieert voortdurend, en grondstof, halfprodukt, produkt en remake wisselen net zo gemakkelijk van rol, als aanbieder en afnemer, in de intense dynamiek van de overvloed. De kritische markt moet plaats bieden aan een allesomvattende en complexe afweging van kosten en baten, van investeringen en revenuen, van korte en lange termijn opbrengsten, van de waardeverhoudingen tussen de samenstellende elementen en van het belang van de verschillende 'handelspartners'.

woordkraam

design, customization, van Dale Groot Woordenboek Nederlands-Frans 2000


25 april 2000
woordkraam

25 april 2000   schotindezaak
   waar we dat nodig hebben. De afgelopen dagen veel bos verzaagd en verbrand en de schuren op orde gebracht. Het bezoek, Gil's ouders en ex-zwager, stimuleerde ons in deze nuttige activiteiten. Het vele ruwe werk dat we hier doen bracht me in de stemming voor oude media, oud werk.

woordkraam

inventarisatiewoede, informatielust, toevalstreffer


4-10 april 2000
woordkraam

4-10 april 2000   jemoetdezaaghetwerklatendoen
   zo luidt de instrumentele waarheid die mij ooit door Hans Scholten is aangereikt—mèt de zaag natuurlijk, want er moest aan de oprichting van kunstenaarsinitiatief De Zaak (neenee, de zaak) doorgewerkt worden. Voor iemand met een matige interesse in lichamelijk produktiewerk werd dit dè mantra, wat?, een ongeëvenaarde levenswijsheid. Vanmorgen; gisteren, elke keer als ik de ketting zie snorren denk ik bij elke boom waar ik het zaagblad indrijf dat de zaag het werk moet doen, ik hoef alleen maar te sturen en de terugslag op te vangen.

Mijn ouders woonden in het begin van de jaren 50 aan de Oranjelaan 1 in Wassenaar, mijn geboorte adres. Toen mijn vader op een middag in de tuin stond te snoeien, stak een meisje van een jaar of 5 haar hoofd over de heg en vroeg of dat zijn tuin was, waarop, mijn vader, die onderhuurde, bevestigend antwoordde. 'Nee hoor', zei de kleine Sylvia Toth, die ons buurmeisje bleek te zijn, 'dat is niet jouw tuin, want je werkt er in'.

woordkraam

dagelijks, wekelijks, maandelijks, meidoorn


woordkraam

31 maart 2000   landschappelijke
   beleving hebben we hier voldoende. Deze dag leende zich uitstekend voor het slechten van een paar flinke bomen in ons kap canton. Ondertussen overleg ik met Judith in welke hoedanigheid we elkaar volgende week in NY zullen ontmoeten. Het was me al opgevallen aan Paul's verblijf in Vancouver, dat je met een dagelijkse site nieuwe vrienden maakt, die je op verschillende bestemmingen ontmoet. Over FTF2K schrijf ik in elk geval voor Items, en natuurlijk hier en daar en vooral hier.

woordkraam

lagervet, dramatiseren, achterkant


29-30 maart 2000
gedecreatiseerdezones  woordkraam

29-30 maart 2000   hoedichterbijdordthoerotterhetwordt
   schijnt een oude volkswijsheid te zijn—ik hoorde gisteravond dat mijn projektvoorstel voor een website rond de cultureel-recreatieve bestemming van de Drechtsteden (Dordrecht, Zwijndrecht, Papendrecht (vacature), Sliedrecht, Hendrik Ido Ambacht, 's-Gravendeel, Alblasserdam) gehonoreerd werd. In het voorstel wordt geschetst hoe competitief steden en regios zich tegenwoordig in de (woon-, werk- en recreatie-) markt moeten positioneren. De 'groene en rode' (natuurlijke en stedelijke) kwaliteiten van lokaties moeten worden opgetild naar het niveau van de informatievoorziening, om voor de toekomstige, mobiele, maar wenselijk niet ontheemde resident aantrekkelijk te zijn. De ultraplatte werkelijkheid van het eigen bezit aan de waterkant met een eigen steigertje kan wel wat concurentie gebruiken. Met ijsseloog.nl betoonde ik me al een fervent tegenstander van de blinde recreatisering van ons land. Ook drecht.net zal een uitdaging aan de huidige werkelijkheidsontwikkelaars moeten zijn.

gederecreatiseerde zones

De eenzijdigheid van de bestaande recreatieconcepten is stuitend. De stortlokatie IJsseloog zag ik in al zijn bouwkundige schoonheid eerder als een tweede Eiffeltoren, dan als een tweede Slagharen. Met de gedemilitariseerde zone in het achterhoofd, stelde ik (me) voor dat we in NL gederecreatiseerde zones zouden instellen, waar natuurontwikkeling en de ontspanningsindustrie plaats maakt voor informatieontwikkeling. drecht.net richt zich op zulke scenarios voor de Drechtsteden. Uit het voorstel:

- Met 'Genius Loci' legde Christian Norberg-Schulz in 1980 de basis voor een fenomenologie van de architectuur. Voor hem gold de 'geest van de plek' (lat. genius loci) als de norm voor onze vormgeving van bebouwing en inrichting. De plek informeert elke plaatsgebonden activiteit, elke toegevoegde waarde, en geldt deze als toetssteen. Wie de geest van de plek ontkent, richt rampen aan -- waarvan helaas meer bewijs te vinden is dan van het omgekeerde, ook in het Drechtland.

Een plek 'op de kaart te zetten' betekent tegenwoordig in de eerste plaats: een plek informatiseren, met informatie opladen, misschien wel: overladen. De nieuwe 'kaart' van het Drechtland zal in dit voorstel de vorm krijgen van een website (...), gevuld met grensverleggende voorstellen over ons gebruik van stedelijke en natuurlijke ruimte in het algemeen, en het Drechtland en haar rijke watergangen in het bijzonder.

Met de komst van nieuwe communicatiemiddelen, zoals het Internet/www, kan elke plek op de kaart eenzelfde inspirerende functie krijgen ten aanzien van onze ideevorming, als de fysieke plek die heeft ten aanzien van de materiële vormgeving. Plekken op de kaart worden zo 'fantastische' plekken, gedroomde landen, met eigen flora en fauna, zeden en gewoonten, eigen wetten. Zoals we in de science fiction de laatste jaren een stroming zien die de toekomst steeds dichterbij breng, zo zullen ook de voorspellingen van drecht.net subtiel afwijken van een werkelijkheid die al stranger than fiction is. De uitkomst van zulke 'voorspellingen' lijkt dan vooral afhankelijk van de culturele en politieke durf, meer dan van technologische voorwaarden.


Meer landschappelijke links bij de Nederlandse Vereniging voor Tuin- en Landschapsarchitektuur.

Zie ook: De Nieuwe Kaart van Nederland.

woordkraam

draagkracht, draagstoel, stoelgang, gangboord


woordkraam

28 maart2000   demoerstaalroutine
   is nog niet helemaal op stoom. Net mijn bijdrage van gisteren afgemaakt. NQP kwam er een paar keer tussen. Bovendien is er een kansje dat ik het FTF2000 debat op 5 april versla en van kritische kanttekeningen mag voorzien. Morgen meer voor vandaag?

woordkraam

hink, stap, stoom


27 maart 2000
mediabistro  woordkraam

27 maart 2000   nietonbemiddeld
   is de conditie van de eigentijdse informatieconsument. Dacht men aanvankelijk in de Vroege Informatietijd zonder bemiddelende instanties of tussen_personen te kunnen, inmiddels is het duidelijk dat iedereen tussenpersoon en bemiddelaar kan zijn, voor ieder ander. Tussen willekeurig welke partijen moet over de eerste en de laatste bit onderhandeld worden. De Informatiemaatschappij bestaat bij de gratie van een ongebreidelde informatie-uitwisseling: hoe meer verkeer hoe beter. 'De mensen' regelen hun zaken onderling en aldoende ontstaan de reputaties. Consumenten verenigen zich tijdelijk, rond de aankoop van een speciaal object: samen brengen ze de prijs omlaag. Het web ontwikkelt zich tot één grote afslag.

mediabistro?

Betekent dit het einde van de professionele aanbieder/bemiddelaar? Natuurlijk niet. Deze zal zich echter op een andere manier tot de communicerende calculerende consument moeten verhouden dan in het verleden. Ook voor haar/zijn diensten moet een forum worden ingericht. Er is een groeiend aanbod van informatie afwerkplekken, voor kontakt onder (informatie) producenten, onder consumenten en tussen beide partijen. Een aantal willekeurig gekozen maar illustratieve sites: Epinions, Mediabistro, Amazon's Purchase Circles, MobShop Buy Cycles, Mighty Words' eMatter, en First Tuesday (recente FT discussie in London over the 'future of the press').

woordkraam

vuistregel, vangst, adamsappel


25-26 maart 2000
25 maart 2000   een lange opleving of een langzame verdoemenis   is de titel van een uitgebreide NQPAOFU tirade waar ik het hele week-end aan doorschaaf. In het, eh, Engels. Commentaar is welkom. Ook in de, eh, moerstaal.

...en o ja Nina Brink, zo heet ze toch?: een prototypisch kindvrouwtje als je het mij vraagt, en haar WOL een van de kinderziekten van de Vroege Informatietijd. Niet te veel aandacht aan besteden. Geld speelt geen rol. KIR: houdt het echt.


24 maart 2000
hetlichteloggen  woordkraam

24 maart 2000   hetzwareloggen
   begint vanmorgen om half tien als we met hulp van Philip Dercourt en zijn kettingzaag het ons per lot toebedeelde bosperceel van brandhout verlossen. Extra vroeg op voor moerstaal dus, geholpen door onrustige huisgenoten die om drie uur tegen de deuren op staan te mauwen. Pootjes had het weer. G. eruit. Regen, Pootjes naar de kelder om zijn energie op de muizen te concentreren.

hetlichteloggen

waarvoor maarwatishet me had gewaarschuwd begon gisteren tussen de middag toen mijn bijgewerkte referer statistieken binnenkwamen. Daar was het geduchte 'alt0169-effect': een spastische uitschieter in de hits, met alt0169 bovenaan de lijst, goed voor in totaal 171 stuks.

Later meer, moerstaal. Eerst het hout in.

woordkraam

fenomenologie, daadkracht, handenspandiensten


23 maart 2000
meerNLintel  woordkraam

23 maart 2000   welgeïnformeerdekringen
   onder de ogen van mijn nieuwe dubbelslag. NQPAOFU probeer ik altijd voor 8 uur 's ochtends aan de Oostkust op de server te hebben. Dan geven de referer logs ook een flinke piek te zien. Waar zal ik met moerstaal op mikken? Het wordt voor deze tijdzone in ieder geval géén ontbijtblog. Voor de middag dan?

meerNLintel

Met Max Bruinsma mag ik graag eens van mening verschillen. Nu zit hij voor NLeffekt een tijdje in New York en over twee weken aan de discussietafel met onder anderen een van de goden uit mijn prille akademiejaren: Milton Glaser. Daar ligt dan hopelijk het First Things First 2000 pamflet onder vuur, de noodkreet die mij vorig jaar september aanleiding gaf tot een vlotte domeinregistratie, idie.net, onder het motto I DIE for change, de dood of de gladiolen voor een beetje verandering in de vormgevingswereld. Via een fraaie maar klikloze infografiek van Mevis & Van Deursen (ookNL) kom je meer te weten over deze ontwerpstorm voor een betere wereld. De instuif vindt 5 april plaats in het Katie Murphie amphitheater. Sic Transit.

Overhedenalarm, volg de pijlen! Meer verandering op til, bij Infodrome. ("Infodrome organiseert en voedt het debat over de gevolgen van ICT voor het dagelijks leven. Deskundigen op allerlei terreinen, journalisten en Internetwhizzkids worden uitgenodigd hun ideeën in te brengen: wat zijn mogelijke consequenties op het gebied van zorg, onderwijs, handel, enzovoort. Enkele specifieke vraagstukken worden door wetenschappers verder uitgediept. Harde gegevens en inspirerende toekomstbeelden vormen de input voor workshops, seminars en andere activiteiten waarmee Infodrome de discussie wil losmaken."). Max gaat er aan bijdragen en mij in een email interview ook een beetje tappen. In ruil voor een ticket Parijs-NY, voor 5 april, zou ik het hem allemaal haarfijn gaan uitleggen.

woordkraam

tegeneffect, overkompensatie, wagenziekte


22 maart 2000
geenoverbodigeluxe  geenoverbodigeaktualiteit  moerstaalvorming

22 maart 2000   woordvooraf
   Het heugelijke feit dat mijn (bijna) dagelijkse NQPAOFU vandaag zijn derde jaar ingaat en het aantal hits op het nieuwe domein nqpaofu.com (een geluk dat dàt nog beschikbaar was...) elke maand verdubbelt, wordt gevierd met de start van een Nederlandse pendant: (eindelijk) moerstaal. Onder de enigzins verschoten rood-wit-blauw-oranje (oranje!?...) mtnl-vlag verzamel ik persoonlijke aantekeningen en links en oefen ik mijn moers taal. De onderwerpen? De industrie en cultuur van de informatisering, de Vroege Informatietijd, de plek van kunst en vormgeving in nieuwe media en netwerken, de nieuwe persvrijheid van het DHZ (doehetzelf) uitgeven, de buitenschoolse vorming van kennis en inzicht, in hoe we die enorme informatie aanwas gaan kanaliseren, exploiteren, verteren. Kortom: wat betekent het geïnformeerd te zijn?

Voor wie Notes Quotes Provocations And Other Fair Use (NQPAOFU, 'Aantekeningen Citaten Provokaties En Ander Eerlijk Gebruik') niet kent: nieuws uit de 'industrie' wordt afgewisseld met en van commentaar voorzien vanuit een persoonlijke en soms annekdotische berichtgeving over het dagelijks leven. Dit gebeurt vanuit een filosofie die de terugkerende lezer zal leren herkennen en die vooral niet in één uitspraak moet worden opgesloten. Met moerstaal zal ik proberen eenzelfde openhartigheid te bereiken, in een afgewogen combinatie van Aantekeningen Citaten Provokaties En Ander Eerlijk Gebruik, maar: in mijn moers taal—en dat zal even wennen zijn.

geen overbodige luxe

NQPAOFU schrijf ik al twee jaar in het Engels, sinds opdekopaf een-jaar-min-een-week woon ik in midden Frankrijk, en verdomd, achter mijn rug ontstaat zowaar een micromarkt voor Nederlandstalige personal publishing beter bekend als 'blogging' (de eerste en de laatste keer dat ik dit woord voor moerstaal gebruik—ècht). De kwaliteit van de Nederlandse weblogs kan ik nog niet beoordelen. Te weinig kontakt, maar dat zal er nu wel eens van komen. De enige tot op heden door mij iets regelmatiger en met veel plezier geraadpleegde oprisping is maarwatishet van Robert van Eijden. Internationaal bleef de plotseling snelle opkomst van Nederlandse weblogs niet onopgemerkt. Helaas blijft de waardering noodgedwongen steken in welwillende nieuwsgierigheid en incidentele complimenten voor de vormgeving, want van onze moerstaal is natuurlijk geen chocola te maken. Blind klikken op in het Nederlands aanbevolen links is een gebruik dat snel verveelt.

Op 7 uur planken onder Amsterdam verlies je ondanks de webedities van de vaderlandse media en de trouwe berichtgeving van vrienden en collega's al snel het zicht op de aktualiteit. Gelukkig heeft deze als voornaamste eigenschap dat hij niet beklijft. Elke nieuwe aktualiteit maakt de voorgaande overbodig, met als gevolg dat ik nooit meer dan één aktualiteit achterloop. Een en ander heeft het grote voordeel dat men me niet snel te jong overleden koeien uit de sloot zal zien halen. Blijft over: de 'grote' thema's, sommige hierboven genoemd. De echt belangrijke kwesties zijn internationaal en in toenemend mate: supra-nationaal (ook niets nieuws: sociale en culturele vernieuwing, economische en ecologische omwentelingen, het dagelijks leven—hoe mondiaal wilt u het hebben?). Om deze redenen bloeit het debat in het beste geval dan ook over de volle breedte van het Internet/www. Desalniettemin ontstaan ook in deze media de cliques en de syndicaten. Ook daarin bestaat een lange internationale traditie.

Mijn Engelstalige lezers zullen hopelijk af en toe een blik werpen op dat exotische Nederlands en me betrappen op links die NQPAOFU niet heeft... polyglotte lezers zou ik aanraden: volg ze allebei en zoek de verschillen, die zeker ontstaan.

niet dat ik daar zelf al zo'n beeld van heb

moerstaal schrijf ik vooral voor de lol van het taal-gebruik. Niet dat het al een aanbeveling is, maar de toon van deze publikatie krijgt mijn bijzondere aandacht. De routine van een (bijna) dagelijkse eksersitie heb ik na twee jaar behoorlijk te pakken (ik zal een Nederlands spellingswoordenboek moeten installeren... hangt het laatste groene Boekje aan het net, hmm—is er iets mooiers dan het archaïsche Nederlands dat zijn herkomst in de geschiedenis verraadt, zoals bij een oudere generatie Indonesiërs, of inderdaad, bij ex-patriotten: tijdmachines bestaan). Mijn redaktionele en publicerende en producerende achtergrond in de randgebieden van kunst, vormgeving, typografie en nieuwe media zullen zich ook in moerstaal niet verloochenen. De terugkoppeling van de beloofde wereld naar de gedoogde wereldvanalledag wil nogal eens kleurrijk uitpakken: Jargonia!







correspondentie: moerstaal@nqpaofu.com































moerstaal, 2000